|
Japanse ploeg wint voor de zesde keer op rij het landenklassement (13/10/10)
De
grote favorieten waren op voorhand al bekend, de grootste uitdagers
ook. Japan als regerend teamkampioen met twee voormalige
wereldkampioenen in de rangen zou het gaan opnemen tegen het thuisland,
de Italianen. De andere landen moesten rekenen op de onzekere factor in
het Japanse team: nationaal kampioen Sohei Sasaki. hij speelde voor het
eerst een groot internationaal toernooi. De Italianen rekenden op het
thuisvoordeel, maar konden ze de bijhorende stressfactor wel aan?
De andere landen dan? Andere sterke drietallen waren er in feite niet.
Elk land had wel één of meer onzekere factoren. Roman Kraczyk uit
Polen, Iain Barass uit het Groot-Brittanië, Daniel Rössler uit
Duitsland, Duangkamol Sokankate uit Thailand, Thierry Leve Abegnoli uit
Frankrijk. Enkel de twee toplanden hadden een drietal op de been
gebracht die de pretentie mochten hebben om voor een teamtitel te gaan.
Slechts twee landen wisten de eerste ronde ongeslagen door te komen:
thuisland Italië en Nederland. Sohei Sasaki had meteen een nederlaag
laten optekenen tegen Randy Fang. In de tweede ronde kon ook Nederland
het maximum niet volhouden en kwam Italië alleen op kop te staan. Japan
verraste opnieuw: regerend wereldkampioen Yusuke Takanashi verloor van
Jacky Fu en Sohei Sasaki verloor opnieuw, dit keer van George Ortiz.
Hierdoor kwamen drie landen op een gedeelde tweede plaats terecht:
Frankrijk, Nederland en België. Inderdaad, België!
In de derde en vierde ronde bleven alle landen (behalve Italië) met
punten morsen. 12 op 12 voor Italië, dichtste achtervolgers Frankrijk
en Nederland volgden al op drie eenheden. Polen had 8.5 en Japan
slechts 7.5. De vijfde ronde zorgde voor het eerste puntenverlies van
Italië: een rechtstreeks duel tussen Michele Borassi en Roberto
Sperandio. De eerste won met 33-31.
Ook de zesde ronde veroorzaakte puntenverlies van Italië. De enige twee
overgebleven ongeslagen spelers, Michele Borassi en Alessandro Di
Mattei vochten voor de eenzame leiding. Borassi won, opnieuw 33-31.
Ondertussen had Roberto Sperandio wel het eerste echte puntenverlies
laten optekenen.
Het einde van de eerste dag liet het thuisland de andere landen slechts
kruimels na. 18 op 21 (18 op 19 eigenlijk) was het fantastische
tussentijdse resultaat. Japan had ondertussen wel de tweede plaats
ingenomen met 14.5. Thailand stond verrassend op 14 winstpartijen.
Nochtans zorgden visumproblemen van hun sterkste speler, Anon
hongthong, ervoor dat Duangkamol Sokankate in het A-team terechtkwam.
Zowel Nederland als Polen stonden vierde met 13 winst. Alle andere
landen, met Frankrijk op kop (11,5) volgden al op geruime afstand. Het
slechtste team met 3 leden was op dat ogenblik Tsjechië (7 winst uit 21
partijen).
De tweede dag begon voor het thuisland met een valse noot: drie
verliespartijen werden er genoteerd. Japan sloop meteen dichterbij. Ook
de volgende ronden gingen er systematisch punten verloren en nog belangrijker: de
onderlinge duels werden in het voordeel van Japan beslect. Yusuke Takanashi versloeg Michele
Borassi en Alessandro Di Mattei. Masaki Takizawa was eveneens te sterk
voor Di Mattei. Na 11 ronden en met nog slechts zes partijen te gaan
stond beide teams dan ook op 24 puntenpartijen. De achterhoede werd op
dat moment gevormd door Nederland (20.5), Thailand (20), Polen (19),
Frankrijk en Groot-Brittanië (18). België stond verdienstelijk gedeelde
achtste met 16 winstpartijen, samen met de VSA.
De 12e ronde beslechte eigenlijk het landenklassement. Het rechtstreeks
duel tussen Masaki Takizawa en Michele Borassi werd gewonnen door de
Japanner en ook de andere twee Italianen verloren hun partij. De
laatste ronde speelden de twee beste Japanners weliswaar nog tegen
elkaar, maar Italië liet opnieuw slechts één winst optekenen. Dit
betekende meteen ook een zesde opeenvolgende overwinning voor Japan in
het landenklassement. Italië had nog geluk dat de laatste ronde één
winstpartij opleverde, want Nederland strandde slechts op een half
punt. Meteen de beste teamprestatie ooit van Nederland. Ook Thailand
wist te imponeren. De eerste Thai in de halve finale, Piyanat Aunchulee
hielp hen aan een vierde plaats. Andere toplanden Groot-Brittanië,
Polen en Frankrijk vervolledigden de top zeven. België eindigde samen
met Duitsland en Zweden op een verdienstelijke achtste plaats. Israel
werd uiteindelijk nog het slechtste team met drie spelers, met evenveel
punten als Japan de eerste dag al haalde (14.5).
In totaal deden 24 landen mee aan het landenklassement.
|
Einduitslag landenklassement
| 1. |
Japan |
28 |
| 2. |
Italië |
25 |
| 3. |
Nederland |
24.5 |
| 4. |
Thailand |
24 |
| 5. |
Groot-Brittanië |
23.5 |
| 6. |
Polen |
23 |
| 7. |
Frankrijk |
21.5 |
| 8. |
België |
18.5 |
|
Duitsland |
18.5 |
|
Zweden |
18.5 |
| 11. |
VSA |
18 |
| 12. |
Tsjechië |
17 |
| 13. |
Norwegen |
15 |
|
Spanje (2)
|
15 |
| 15. |
Israël |
14.5 |
| 16. |
Australië (2)
|
13.5 |
| 17. |
Rusland (2)
|
12.5 |
| 18. |
Canada (1)
|
8.5 |
| 19. |
China (1)
|
7.5 |
| 20. |
Brazilië (1)
|
6 |
| 21. |
Oostenrijk (1)
|
5 |
|
Denemarken (2)
|
5 |
|
Roemenië (1)
|
5 |
| 24. |
Griekenland (1)
|
4 |
(1), (2): aantal spelers A-team indien minder dan drie.
|